FNRS 90 jaar

Fred van Opstal: ambassadeur van het carrousel rijden

“Carrousel rijden is teamsport en een paardensportfeest waaraan door jong en oud en rijk en arm wordt deelgenomen. Het is een sportieve uitdaging waarin rijkunst en uniformiteit in beweging en uitrusting samenkomen en die de saamhorigheid bevordert. De wedstrijden zijn een sociaal gebeuren want je ontmoet mensen van andere maneges en je praat met iedereen. Bovendien is het samen uit, samen thuis”.

28 mei 2021 | 7 minuten lezen

Het bovenvermelde ‘statement’ tekenden we op uit de mond van Fred van Opstal (77), woonachtig in Heerhugowaard. Zijn leven kende twee hoofdlijnen. De eerste: een succesvolle loopbaan in de wereld van verzekeringen. Hij was een van de gelukkigen, die op 60-jarige leeftijd vervroegd mocht uittreden, maar van stil zitten was geen sprake. Hij werkte in diverse ‘baantjes’ nog dertien jaar door.

De tweede hoofdlijn was en is nog steeds zijn hobby: het carrousel rijden. Maar liefst 16 jaar zat hij in het bestuur van de VCN, de Verenigde Carrouselclubs Nederland, eerst acht jaar als secretaris en daarna acht jaar als voorzitter. Toen hij de voorzittershamer neerlegde ging hij nog tien jaar door als jurylid. “In 2019 kwamen we tot mijn schrik tot de ontdekking, dat in de statuten stond vermeld, dat op 72-jarige leeftijd alle functies dienden te worden neergelegd. Dat betekende, dat er een einde kwam aan mijn officiële taken”, aldus Van Opstal. Met gevoel voor ‘understatement’ bekent hij glimlachend nu nog alleen “gastheer te mogen zijn en handen te schudden” tijdens de Nederlandse Kampioenschappen. Om er aan toe te voegen: “Ach, op mijn leeftijd toch ook wel logisch”.

Verleden

Hoe is het carrousel rijden ontstaan?

Van Opstal: “Daarvoor moeten we terug naar de Middeleeuwen. Bij de riddertoernooien werden door de deelnemers, in feestelijke kledij, rijkunstige voorstellingen gegeven. Hierbij werden in colonnes voltes en andere figuren gereden. In ons land werd het carrousel rijden rond 1900 ingevoerd als onderdeel van het lesgeven om de discipline in het paardrijden te bevorderen en het rijden interessanter en moeilijker te maken. Het was in die tijd mode, dat de gegoede burgers Frans spraken en de commandanten gebruikten die taal ook. Sommige commandanten gebruiken het Frans nog steeds om de uit te voeren manoeuvres aan te geven, maar de meesten doen het nu in onze taal.

Voor zover mij bekend werd in 1965 een eerste wedstrijd verreden waaraan werd deelgenomen door groepen van De Hollandsche Manege, De Amsterdamse Manege en de Rotterdamse Manege. Ze waren lid van de FNRS. Ik heb mij laten vertellen, dat er op de wedstrijddag een carrouselproef werd verreden, gevolgd door een gezamenlijke buitenrit en een maaltijd. Misschien was de volgorde anders, maar dat weet ik niet. Van voor 1966 zijn mij geen uitslagen bekend. In 1966 werd ‘De Anjer Carrousel’ van De Amsterdamse Manege kampioen en in 1968 won de Hollandsche Carrousel Sociëteit. Leuk om te weten: in 1974 werd Manege Hillegersberg kampioen. Het mooie is, dat er nog steeds groepen van deze maneges deelnemen. In de loop van de zeventiger jaren nam het aantal groepen verder toe en nam de behoefte aan een organisatorische structuur en regelgeving toe. Dat resulteerde erin, dat in 1980 een paar mensen de koppen bij elkaar staken en gekeken hebben naar het oprichten van een wedstrijdvereniging. Omdat men de verplichting had gesteld, dat alle leden lid van de FNRS moesten zijn, zocht men daar toenadering en gehoor en werd onder de paraplu van de FNRS de VCN opgericht. De bestuursleden van het eerste uur waren G. van Delden als voorzitter, G. Bossché als vicevoorzitter, E. van Delden als ponyfunctionaris en F. Robbers als penningmeester. Annelies Schuil werd namens de FNRS toegevoegd als secretaresse. Het officieuze kampioenschap in 1980 en 1981 werd gewonnen door ‘De Anjer Carrousel’ onder leiding van mw. Robbers-van der Zwaag.

De Nederlandsche Hippische Sportbond gaf in 1982 officieel toestemming aan de VCN om het Nederlands Kampioenschap Carrousel Rijden te organiseren. De eerste officiële winnaar werd wederom ‘De Anjer Carrousel’ in dameszadel van De Amsterdamse Manege onder leiding van de heer F. Robbers. Hij kreeg als eerste de rood-wit-blauwe sjerp omgehangen, een traditie die nog steeds in ere wordt gehouden”.

Ontwikkeling

Hoe ontwikkelde de sport zich?

Van Opstal: “Na 1982 kwamen er steeds meer groepen, die wilden deelnemen. Daardoor werd een splitsing van de groepen nodig en werd een poule-systeem bedacht. De oudste groepen reden in de A-poule en de nieuwelingen in de B-poule. Toen er meer dan 20 groepen waren kwam er een C-poule bij en zo ging dat verder. In 2013 streden er 78 groepen paarden in 8 poules en 41 groepen pony’s in 4 poules. In dat jaar won het A-team van Manege Hillegersberg bij de paarden en de Hillegersberg Kids pakten de titel bij de pony’s, beide onder aanvoering van hun commandante Antoinette Diks-Schalenkamp. In 2014 werd besloten tot een andere opzet. Zowel bij de paarden als de pony’s werd besloten tot het instellen van een ranking systeem met de volgende benaming: de hoogste categorie werd de ere-divisie met daaronder de eerste , tweede en derde divisie bij zowel de paarden als de pony’s. Als extra wedstrijd kreeg het Nederlands Kampioenschap paarden ook een andere opzet. Tijdens het NK bestaat het deelnemersveld uit vier teams uit de ere-divisie hoog, drie teams uit de ere-divisie laag en drie uit de eerste divisie waarvan 2 uit de eerste hoog en 1 uit de eerste laag. Bij de pony’s zijn dat negen teams. Na de divisiewedstrijden krijgt men voor het behaalde resultaat punten en extra punten voor het deelnemen aan het NK en zo wordt de ranking voor het volgende jaar bepaald. Elke proef bestaat thans uit 16 onderdelen en duurt 10 tot 12 minuten. De volgorde van de figuren in de proef is aan de groep. Iedere instructeur kan zelf figuren bedenken of bestaande figuren gebruiken. De proef is vrij, net als bij het kunstschaatsen. De wedstrijden worden gejureerd door twee juryleden, zittend bij A en C. Een derde jurylid beoordeelt het schoonste, mooiste, geheel om de Prix d ‘Élégance. Het NK is een kostbare aangelegenheid en we zochten daarvoor een sponsor. Vermeldenswaard is, dat Harry’s Horse sinds 1994 de hoofdsponsor is en dat nu nog is. In 2019 werd de zilveren sponsor in het zonnetje gezet”.

Erelid

U hebt uw sporen binnen de VCN verdiend, werd in 2009 benoemd tot erelid van de FNRS en kreeg tijdens het 13e Hippische Ondernemerscongres in 2016 de Gouden Speld van de FNRS. Van waar komt die liefde voor het carrousel rijden?

Van Opstal: “Mijn vrouw wilde graag paardrijden en deed dat bij de manege in Heerhugowaard waar we naartoe verhuisd zijn vanuit Amsterdam. Ik ben toen een paar maal met haar meegegaan en kreeg de smaak te pakken. Ik werd lid van de rijvereniging, reed dressuur en springen en achttal. Toen een lid van de rijvereniging een eigen, nieuwe manege begon heb ik geholpen bij de bouwaanvraag. Toen de accommodatie gereed was en geopend werd hebben we als openingscadeau een carrousel demonstratie gegeven en we waren zo enthousiast, dat de carrouselvereniging ‘Molendijk’ werd opgericht, die in 1983 lid van de VCN werd, met een groep deelnam en toen ben ik voor deze tak van paardensport helemaal gegaan. In 2002 werd de groep waarin ik reed Nederlands Kampioen in de A-poule!

Ik kwam in 1983 in het bestuur van de vereniging als voorzitter en ben in 1993 toegetreden tot het bestuur van de VCN waar ik van 1993 tot 2001 secretaris ben geweest. In 2001 heb ik de voorzittershamer overgenomen van Gerhard Bier en acht jaar de kar getrokken. In 2009 vond ik, dat de tijd was gekomen om na zestien jaar het bestuur te verlaten. In die jaren is de sport gegroeid en die groei gaat nog steeds door. Aan het begin van mijn voorzitterschap waren er 70 groepen actief en toen ik wegging 120. Nu zijn er in wisselende samenstelling zo’n 140 groepen waarvan er 114 deelgenomen hebben aan de kampioenschappen, 72 bij de paarden en 42 bij de pony’s. Dat is best bijzonder als je in ogenschouw neemt, dat het achttal rijden binnen de KNHS terugloopt.

De eisen zijn door die groei steeds zwaarder geworden. Was het vroeger rijden met een militaristische inslag en beugel aan beugel, nu rijdt iedere ruiter op zijn eigen hoefslag met een meter tussenruimte. We hebben door de jaren heen steeds meer aandacht aan opleidingen besteed. Nora Tack schreef er het boek ‘Carrouselfiguren en Dameszadel rijden’ over en de heer F. Drager, die veel wedstrijden bezocht, maakte het boekje ‘Wij rijden carrousel’ met daarin tekeningen van te rijden figuren en manoeuvres. Antoinette Diks-Schalenkamp heeft heel veel voor de ontwikkeling van onze sport betekend. Haar kennis van zaken en creativiteit zijn groot en bij de gezamenlijke VCN/FNRS-uitgave ‘Leer carrouselrijden met plezier’ voerde zij de redactie. Ze is vele keren met haar teams kampioen geworden en weet constant vernieuwingen door te voeren. Ook Jos van Haasteren verdient het vermeld te worden. Hij heeft veel cursussen gegeven voor instructeurs en juryleden.

Ik vind het een eer, dat de FNRS mij tweemaal onderscheiden heeft. Ik denk, dat het komt omdat we als bestuur van een zelfstandige vereniging ook in moeilijke perioden als de onderlinge verstandhoudingen moeizaam verliepen, altijd solidair aan de FNRS zijn gebleven en van onze kant goed hebben samengewerkt. Ik zie de VCN als een zeer belangrijke partner van de FNRS en vindt het mooi en veelbetekenend, dat onze sport aandacht krijgt in hun jubileumboek”.

Toekomst

Hoe kijkt u naar de toekomst van de VCN en het carrousel rijden?

Van Opstal: “Ik vind carrousel rijden nog steeds een prachtsport. Voor zover ik weet is het een van de weinige teamsporten in de dressuurtak waar jong en oud samen in een team kunnen rijden. Daar waar mogelijk blijf ik de wedstrijden volgen. Ik heb bijna alle Nederlandse Kampioenschappen gezien. Bij leven en gezondheid zal ik dat zeker blijven doen. Niemand kan in de toekomst kijken. Groei blijft essentieel en men moet op een positief-kritische manier blijven zoeken naar verbeteringen. Persoonlijk geloof ik, dat het verstandig is -ondanks het feit dat de nieuwe structuur pas sinds 2014 bestaat- de sport te regionaliseren en vanuit de regio’s de groepen (regiokampioenen) te halen, die mogen strijden om het Nederlands Kampioenschap. Voor mij speelt daarin ook mee, dat de kosten van het deelnemen aan wedstrijden stijgen. Naast het lidmaatschap van de VCN zijn er de kosten van instructie, van de uitrusting, het vervoer van mens en dier en de inschrijfgelden. Extra wedstrijden betekenen extra kosten. Voor het succesvol deelnemen aan carrouselwedstrijden moet je veel over hebben, ook qua tijd en inzet. Ik zie ook, dat het aantal mannen afneemt. Ook deze tak van sport feminiseert. Een team van acht mannen en acht vrouwen vind ik mooi. Jos van Haasteren heeft laten zien, dat een team van zestien vrouwen, die er echt voor gaan, jaren achtereen kampioen kan worden. Tot er iets fout ging en het team uiteen viel. Dat is jammer. Carrousel rijden moet vooral toch leuk blijven!

De voorzitters van de VCN

De VCN werd in 1980 opgericht en bestaat in 2020 dus veertig jaar. Gedurende deze periode waren de navolgende personen voorzitter:

1980-1986           Gerard van Delden

1986-2001           Gerhard Bier

2001-2009           Fred van Opstal

2009-2013           Antoinette Diks-Schalenkamp

2013-heden       Floris Brink

Bijlagen

Lid worden?FNRS-bedrijven