FNRS 90 jaar

Sterrensysteem door de jaren heen door Jannie van den Brink

Hippische bedrijven aangesloten bij de FNRS waren altijd te herkennen aan een gevelbord met sterren. In de loop van de jaren is het logo en gevelbord met sterren al meerdere keren aangepast. In het begin waren er alleen voorwaarden om toe te kunnen treden tot de FNRS en ontving je het gevelbord wanneer je hier aan voldeed. Vanaf 1986 werd dit uitgebreid met een sterrenbord.

5 februari 2021 | 7 minuten lezen

In 1986 werd het eerste sterrensysteem geïntroduceerd en konden maximaal drie sterren worden behaald. Als men voldeed aan de minimale eisen en een instructeursdiploma van Deurne had, dan ontving je een gevelbord met open ster. Vanaf 1993 is het systeem aangepast en waren vijf sterren haalbaar, wat nu nog steeds zo is.

Sector naar een hoger niveau tillen

Opmerkelijk is dat de doelstelling van de FNRS na negentig jaar nog steeds actueel is, namelijk de hippische sector naar een hoger niveau tillen. Dit geldt ook voor de basis van het sterrensysteem.

In het eerste sterrensysteem werd al beoordeeld op de voedingstoestand, verwondingen en algemene conditie van de paarden. Maar onder andere ook de reinheid van de bedding, voer- en drinkbakken en de reinheid van de foyer en toilet werden beoordeeld. Ook werd gekeken naar de staat en het onderhoud van het harnachement en of de berging daarvan droog en stofvrij was. Bij een rijbaan ging men toen nog uit van minimaal 16x32meter en werd gekeken of de bodem veerkrachtig, vlak en stofvrij was. De algemene indruk van het bedrijf werd beoordeeld. Daarbij werd gekeken of het bedrijf rommelig, vuil, ordelijk of correct onderhouden was. Er mocht geen paarden verhuurd worden aan onbekenden zonder begeleiding. En het bedrijf moest aan de wettelijke eisen voldoen, waaronder verzekering voor schade aan derden.

De keuringen werden uitgevoerd door inspecteur A.J. Bak en de Commissie van Onderzoek besloot of je toe kon treden tot de FNRS en hoeveel sterren het bedrijf behaalde.


Uitreiking gevelbord door Nora Tack

Veranderingen binnen de organisatie

Toen ik ruim 20 jaar geleden in dienst kwam bij de FNRS vonden grote veranderingen plaats. Stichting Veilige Paardensport werd opgericht, waar de FNRS zitting in heeft, en vanaf 2002 werd het eerste veiligheidscertificaat (VHC) uitgereikt. Het veiligheidscertificaat werd ingevoerd als een minimumeis van het FNRS-lidmaatschap. In 2001 werd het FNRS-ruiterpaspoort voor manegeruiters ingevoerd. Het hebben van een ruiterpaspoort voor alle manegeruiters werd toegevoegd als minimumeis voor het lidmaatschap.

In 2001 verhuisden het kantoor van de FNRS van Baarn naar Ermelo en hadden we een postzak vol met duizenden aanvragen van het ruiterpaspoort. Dat liep dus goed. Maar het was soms een hele strijd om de laatste ondernemers ervan te overtuigen dat zij voor al hun manegeruiters een ruiterpaspoort aan moesten vragen. Het heeft de eerste jaren ook behoorlijk wat tijd en moeite gekost om alle ondernemers te laten voldoen aan de eisen van het veiligheidscertificaat. Het verplicht dragen van een cap door alle ruiters en alleen lesgeven door een gediplomeerde instructeur was het grootste struikelblok. Voldeed je niet aan deze eisen, dan voldeed je niet aan de eisen van het lidmaatschap en had je geen recht op sterren.

Vanaf de invoering van het veiligheidscertificaat, werden de keuringen voor het veiligheidscertificaat en de sterren uitgevoerd door inspecteurs van NHC Deurne. Later is de keuring voor het veiligheidscertificaat en de sterren losgekoppeld en vonden er twee keuringen plaats, elk om de tweeënhalf jaar. Het is altijd zo geweest dat je in beroep kon gaan als je het niet eens was met de uitslag van een keuring. Kwamen we er onderling niet uit, dan ging de Commissie van Bezwaar en later de Klachtencommissie op pad, bestaande uit (bestuurs)leden. De laatste jaren wordt een geschil bijna altijd onderling opgelost door inzet van de accountmanagers of de directeur.


Uitreiking van 3 sterren bij Manege Den Toom

Onderheven aan ontwikkelingen

Het sterrensysteem is voortdurend aangepast aan de veranderende wettelijke eisen. Vanaf 2004 komen we ook op voor de belangen van de Instructie, Sport en Trainingsstallen (IST). Daarna is de naam gewijzigd van Federatie van Nederlandse Rijscholen naar Federatie van Nederlandse Ruitersportcentra. Het logo en alle andere FNRS-uitingen werden gewijzigd, het sterrensysteem werd aangepast voor manege/pension en werd uitgebreid met een keuringsformulier voor IST. In 2006 werd het vernieuwde sterrensysteem aan de ondernemers geïntroduceerd met de volgende tekst:

Het systeem is nog meer dan voorheen gericht op het informeren van consumenten die op zoek zijn naar kwaliteit, veiligheid en goed management. Voor opfokstallen wordt zelfs een geheel nieuw sterrensysteem ontwikkeld.

Een kwaliteitskeurmerk, wat het sterrensysteem in feite is, kan geen statisch instituut zijn. De wereld is constant in beweging en de branche van de manegebedrijven vormt daarop geen uitzondering. Vooral aan de vraagkant, dus die van de consument, is er de laatste jaren veel veranderd. De consument wordt zich meer en meer bewust van zijn eigen behoeften en eisen en zodoende stelt hij almaar hogere eisen aan de producten en diensten die hij koopt. In het verlengde hiervan is hij ook steeds beter op de hoogte van zijn rechten. Met dit in het achterhoofd keek de FNRS het afgelopen najaar eens kritisch naar het sterrensysteem. Het resultaat is een systeem dat nog meer gericht is op het tegemoet komen aan de wensen van de consument.

In een hippisch Nederland dat vol in beweging is, waarbij termen als welzijn en aansprakelijkheid voortdurend worden gebruikt, lijkt het juist belangrijk een standaard te ontwikkelen voor kwaliteit. De consument van vandaag wil in één oogopslag kunnen zien of hij bij een bepaalde ondernemer aan het goede adres is en de FNRS is druk doende daarvoor te zorgen. ‘Maar we doen dat samen met de ondernemer, want het draait tenslotte om hem’.

‘FNRS benadrukt dat de maatregelen zijn genomen om ondernemers beter uit te rusten om in te spelen op wat klanten nu eigenlijk willen: ‘Klanten stellen hoge eisen aan zaken als veiligheid en de mate van professionaliteit binnen een bedrijf en natuurlijk ook aan het niveau van de faciliteiten en de instructie. Met het sterrensysteem geven we hen een eenvoudig instrument om de kwaliteit van een bedrijf in te kunnen schatten.’

In 2012 heeft de laatste grote wijziging plaatsgevonden en vanaf die tijd worden de keuringen onaangekondigd uitgevoerd. Er zijn toen drie beoordelingsformulieren ontwikkeld, één voor manege, één voor pension en één voor IST. Opfokbedrijven moeten aan de basiscriteria van de FNRS en de basiseisen van het veiligheidscertificaat voldoen, maar komen daarmee niet in aanmerking voor sterren.


Uitreiking gevelborden aan IST stallen. Op de foto: Dorrie Raijmakers, Gaby Maarse, Tineke Bartels, Alexandra van der Peijl, Martin Stegeman, Ellen Campagne, Danielle Keur, Monique Hijdra

Mensen met paarden en paardenmensen

Deze doelstelling is nu in grote lijnen nog hetzelfde als 15 jaar geleden en ook de basiseisen zoals in het eerste sterrensysteem omschreven. Maar we kunnen wel stellen dat er veel is veranderd op hippische bedrijven in de afgelopen twintig jaar. Vroeger had je ‘paardenmensen’ en nu ‘mensen met paarden’, hoor ik ondernemers zeggen en dat heeft een andere aanpak nodig. De accommodaties zijn vaak groter en luxer, met grote rijbanen, goede bodems en grotere stallen. Over weidegang, paddocks en vrije beweging werd in het begin niet gesproken, maar de laatste tien jaar zie je dat juist deze punten steeds belangrijker worden in de maatschappij. Ondernemers moeten aan steeds meer wettelijke eisen voldoen zoals de RI&E, calamiteitenplan en ARBO-regels. Werd er eerst een kaartenbak met contactgegevens gebruikt en de kruiwagen voor het uitmesten, wordt er nu in veel gevallen al gewerkt met en managementsysteem en wordt er machinaal uitgemest. Het gebruik van contracten en overeenkomsten voor de klanten is een must. De inzet van social media is ook niet meer weg te denken bij de bedrijven.

Door de ontwikkelingen in de hippische sector, maar ook de veranderingen in de maatschappij en geldende wettelijke eisen moest het sterrensysteem regelmatig worden aangepast. Elke keer als het sterrensysteem flink werd aangepast, werd er in samenspraak met de inspecteurs een commissie samengesteld bestaande uit (bestuurs)leden en werkorganisatie. Uiteindelijk moet een vernieuwd systeem goedgekeurd worden door de ledenraad.


Uitreiking 4 sterren bij Manege De Prinsenstad

Nooit iedereen tevreden kunnen stellen

Ik ben er in al die jaren wel achter gekomen dat een systeem ontwikkelen dat voor alle bedrijven even gunstig uitvalt onmogelijk is. Er is bijna geen één manege, pension of IST-bedrijf die alle activiteiten en faciliteiten hetzelfde aanbiedt. Van 2006 tot 2012 werd veel ingezet op mooi, groot en nieuw. Als je een groot nieuw bedrijf had, dan kwam je al snel in aanmerking voor vijf sterren. Er werden voor manegebedrijven zelfs punten gegeven als er een bushalte dichtbij was of een goed fietspad. Daarmee was het systeem wel iets doorgeschoten, want daar heeft een ondernemer geen invloed op. Dat heeft zoveel impact gehad dat ik ondernemers er nu soms nog over hoor.

Met het huidige kwaliteitsbeleid is de beoordeling van luxe en veel faciliteiten wat meer in evenwicht gebracht. Welzijn heeft een belangrijkere rol gekregen. Daarnaast is goed management en veiligheid nog steeds heel belangrijk. Het gebruik van contracten is opgenomen. Het meedoen aan de FNRS-KNHS ruiteropleiding, spring- of zitcompetitie telt mee. Maar ook de bijscholing voor instructeurs en deelname van ondernemers aan FNRS-activiteiten is een van de eisen. Ook heeft welzijn een belangrijkere rol gekregen.


De sterren leverde door de jaren heen nogal wat commotie op. De FNRS heeft door de jaren heen niet alleen aan de ontwikkeling van het kwaliteitssysteem gewerkt, ook de communicatie naar onze leden is verbeterd.

Spiegel voorhouden

Door het uitvoeren van een kwaliteitskeuring wordt de ondernemer een spiegel voorgehouden, en vaak aangezet om wat extra punten op orde te brengen. Er wordt gewerkt met minpunten of beter omschreven, verbeterpunten. Bij deze punten gaat het meestal om iets wat niet schoon, opgeruimd of kapot is. Door deze punten op te pakken kan het aantal sterren vaak behouden blijven of zelfs een opwaardering van het aantal sterren. Dat is een mooie beloning voor al het harde werken op uw bedrijf, maar het belangrijkste is de uitstraling van uw accommodatie naar uw klanten en de buitenwereld toe. Uit ervaring weet ik dat ondernemers het soms lastig vinden dat ze door een keuring een spiegel wordt voorgehouden. Maar ik ben van mening dat mede door de invoering van het veiligheidscertificaat en het steeds aanpassen van de eisen in het kwaliteitssysteem, het niveau van de hippische bedrijven in de loop van de jaren steeds beter is geworden.

Het kwaliteitssysteem is en blijft een lopend proces, waarvan binnenkort een update komt. Het sterrenbord is in 2020 vervangen door een certificaat met het aantal sterren en de geldigheidsdatum erop. Het kwaliteitssysteem kan een bijdrage leveren om de hippische bedrijven en daarmee de paardensport naar een nog hoger niveau te tillen. Dat kunnen we alleen samen en daar helpt de werkorganisatie u graag bij.

Laten we met z’n allen trots zijn op het nieuwe gevelbord met onze belangrijkste waardes: Kwaliteit – Welzijn – Veiligheid. Laten we dit waar blijven maken op alle bedrijven. Zo kunnen we de bezoekers duidelijk maken waar we voor staan en een positieve uitstaling geven van onze hippische bedrijven aangesloten bij de FNRS!

Bijlagen

Lid worden?FNRS bedrijven