Nieuws

Toekomstkompas: FNRS-kwaliteitsbeleid en Gids voor Goede Praktijken

Voor hippische ondernemers biedt de Gids voor Goede Praktijken (GvGP) houvast bij dagelijkse keuzes. De gids laat zien hoe goed paardenwelzijn eruit kan zien, met oog voor uiteenlopende bedrijven en werkwijzen. In een tijd van groeiende maatschappelijke verwachtingen en complexere regelgeving vormt zij een brug tussen wet, wetenschap en praktijk. Maar hoe is deze gids tot stand gekomen? En welke status heeft zij?

11 maart 2026 | 3 minuten lezen

Traditioneel werd paardenwelzijn vaak benaderd vanuit een basisniveau: het dier mag geen honger lijden, geen pijn hebben en moet worden beschermd tegen onnodig lijden. Die uitgangspunten zijn nog steeds essentieel, maar het denken is veranderd. Wetenschappelijke inzichten laten zien dat dieren, net als mensen, gebaat zijn bij positieve ervaringen: sociaal contact, bewegingsvrijheid, mentale uitdaging en een voorspelbare, veilige leefomgeving.

De vernieuwde GvGP sluit aan bij deze ontwikkeling. De gids beschrijft niet alleen wat niet mag, maar vooral wat wenselijk is. Hoe kan een huisvestingssituatie bijdragen aan natuurlijk gedrag? Wat vraagt verantwoord voeren in verschillende omstandigheden? Hoe herkent een ondernemer vroegtijdig signalen van stress of ongemak? De GvGP biedt daarmee een houvast en ondersteunt ondernemers bij het maken van weloverwogen keuzes.

Een breed gedragen ontwikkelproces

Bij de totstandkoming van de vernieuwde GvGP in 2025 zijn uiteenlopende experts en stakeholders betrokken. Denk aan organisaties als de Dierenbescherming en Dier&Recht, toezichthouders zoals de NVWA, het ministerie van LVVN en onafhankelijke deskundigen op het gebied van gezondheid, gedrag en voeding van paarden.

FNRS speelde in dit proces een actieve en inhoudelijke rol. Vanuit haar deelname aan de werkgroep Welzijn van de Sectorraad Paarden (SVP is het afgelopen jaar intensief meegeschreven aan de nieuwe gids. Daarbij is vanuit de expertise van de FNRS en haar achterban, de hippische ondernemers, continu de verbinding gezocht tussen kennis en praktijk. Door deze samenwerking is niet alleen gekeken naar wat wenselijk is vanuit wetenschappelijke en theoretische inzichten, maar ook naar wat in de dagelijkse bedrijfsvoering haalbaar en uitvoerbaar is.

Gedurende het proces heeft FNRS bovendien haar eigen kwaliteitsbeleid naast de conceptteksten gelegd. Waar nodig zijn zowel onderdelen van de gids als het FNRS-kwaliteitsbeleid aangescherpt, zodat de kwaliteitseisen van de FNRS en de richtlijnen van de Sectorraad Paarden goed op elkaar aansluiten. Daarmee is gewerkt aan één gezamenlijke koers richting een toekomstbestendige sector. Door de inbreng van de stem van de hippische ondernemer is uiteindelijk een realistische gids ontstaan, waarmee ondernemers hun bedrijf praktisch kunnen managen, inrichten en verder ontwikkelen.

Aansluiten bij dagelijkse praktijk

Om de aanbevelingen aan te laten sluiten bij de dagelijkse praktijk van hippische ondernemers is aanvullend een enquête uitgevoerd onder professionals in de sector. Zij gaven inzicht in de uitvoerbaarheid van voorstellen en in de realiteit op stal, in de manege, op het trainingscentrum of bij fokbedrijven.

De uitkomsten van deze enquête hebben zichtbaar invloed gehad. Sommige voorstellen zijn ongewijzigd gebleven, omdat zij breed haalbaar en wenselijk werden geacht. Andere onderdelen kregen een meer praktische uitwerking. Daarmee is de GvGP niet alleen een ideaalbeeld, maar ook een werkbaar document dat rekening houdt met verschillen in bedrijfstype, schaal en omstandigheden.

Deze brede betrokkenheid had twee doelen. Enerzijds moest de gids inhoudelijk stevig verankerd zijn in actuele wetenschappelijke kennis. Anderzijds was het belangrijk dat de aanbevelingen aansluiten bij de dagelijkse praktijk van hippische ondernemers. Daarom is aanvullend een enquête uitgevoerd onder professionals in de sector. Zij gaven inzicht in de uitvoerbaarheid van voorstellen en in de realiteit op stal, in de manege, op het trainingscentrum of bij fokbedrijven.

De uitkomsten van deze enquête hebben zichtbaar invloed gehad. Sommige voorstellen zijn ongewijzigd gebleven, omdat zij breed haalbaar en wenselijk werden geacht. Andere onderdelen kregen een meer praktische uitwerking. Daarmee is de GvGP niet alleen een ideaalbeeld, maar ook een werkbaar document dat rekening houdt met verschillen in bedrijfstype, schaal en omstandigheden.

Uitwerking van wetgeving

De GvGP is geen losstaand document, maar een uitwerking van bestaande wet- en regelgeving. De gids geeft invulling aan de algemene artikelen uit de Wet dieren en de onderliggende besluiten en regelingen. In deze wetgeving wordt veel gewerkt met zogenoemde doelvoorschriften.

Doelvoorschriften geven aan wat bereikt moet worden, niet hoe dat exact moet gebeuren. Zo staat in de wet dat het welzijn en de gezondheid van dieren te allen tijde moeten worden gewaarborgd, maar niet op welke manier een ondernemer dat precies moet organiseren. Dat biedt ruimte voor maatwerk, maar kan in de praktijk ook onzekerheid opleveren: wanneer doe ik het goed genoeg?

De GvGP biedt hier houvast. De gids vertaalt de algemene doelen uit de wet naar concrete aanbevelingen voor de paardenhouderij. Daarmee helpt zij ondernemers om de wettelijke normen praktisch in te vullen. Tegelijkertijd ontstaat er meer duidelijkheid voor toezicht en handhaving, omdat de interpretatie van de regels transparanter wordt.

Aanbieding ter beoordeling

Het bestuur van de Sectorraad Paarden heeft besloten om de GvGP aan te bieden ter beoordeling bij RVO. De minister beoordeelt of de uitleg van de doelvoorschriften uit de Wet dieren in de gids ook overeenkomt met wat de wetgever heeft bedoeld.

Een beoordeelde GvGP heeft een bijzondere status, maar het betekent niet dat de beschreven aanpak de enige juiste weg is naar goed paardenwelzijn. Ondernemers mogen andere oplossingen kiezen, zolang zij het wettelijke doel maar bereiken. Wel geeft een beoordeelde gids zekerheid: wie volgens deze richtlijnen werkt, handelt in ieder geval op een manier die door de wetgever als passend wordt beschouwd.

Voor de sector betekent dit duidelijkheid en richting. Voor ondernemers biedt het een betrouwbaar kader om beleid en bedrijfsvoering op te baseren. En voor handhavende instanties ontstaat een gezamenlijk referentiepunt bij de beoordeling van praktijksituaties.

De GvGP 2025 is daarmee meer dan een naslagwerk. Het is een kompas dat richting geeft aan de verdere professionalisering van de paardensector. De gids laat zien dat de sector verantwoordelijkheid neemt voor het welzijn van paarden en bereid is om haar eigen normen te blijven ontwikkelen.

Download Gid voor Goede Praktijken

Meer over FNRS-kwaliteitsbeleid